4.2 Het volgen van de ontwikkelingen van de kinderen
Van ieder kind wordt na aanmelding een leerling-dossier aangelegd. Daarin worden persoonlijke gegevens, verslagen van gesprekken met ouders, verslagen van speciale onderzoeken, handelingsplannen, toets- en rapportgegevens bewaard. Leerling-gegevens zijn privacygevoelig en worden dan ook achter slot en grendel bewaard.
Het dagelijks werk van kinderen
Het dagelijks werk van kinderen kan zowel door de leerkracht als door de leerlingen zelf nagekeken worden. De leerkracht heeft hierbij uiteraard een controlerende taak. Het dagelijks werk wordt regelmatig getoetst door middel van methodegebonden toetsen. De resultaten worden door de groepsleerkracht bijgehouden.
De school geeft de volle schriften waarin de kinderen gewerkt hebben niet mee naar huis, aangezien het hierbij oefenwerk van de kinderen betreft.
Leerlingvolgsysteem
In de loop van het jaar wordt de leerling door middel van observaties en methodegebonden toetsen (toetsen die bij een leerboek van een bepaald vak horen) natuurlijk goed gevolgd. Daarnaast worden er 2 keer per jaar (januari en juni) methode- onafhankelijke toetsen (CITO) afgenomen, waarbij een vergelijking met een landelijk gemiddelde mogelijk is. De uitslagen van die toetsen geven ons redelijk objectieve gegevens over de leerprestaties van de leerling. De verrichtingen van ieder kind en de groep kunnen zodoende op langere termijn worden gevolgd. Een dergelijk systeem noemen we het leerlingvolgsysteem. In groep 7 wordt bovendien nog de CITO-entreetoets afgenomen. Onze school doet niet mee aan de Cito-eindtoets. Door het afnemen van de Cito-entree toets, in combinatie met de overige Cito-toetsen, voldoet de school aan de gestelde eisen wat betreft de rapportage van en over de schoolverlaters. Om het geheel compleet te maken wordt bij de leerlingen van groep 8 de NIO-toets (een intelligentietoets) afgenomen.
De resultaten van de groep en de individuele resultaten worden met de intern begeleider (ib.’er; leerkracht die collega’s ondersteuning biedt en adviseert in het kader van de leerlingenzorg) besproken. Naast de ontwikkelingen op kennisgebied worden ook de ontwikkelingen op sociaal-emotioneel gebied gevolgd.
Verslaggeving door groepsleerkracht en wijze waarop dit besproken wordt
Jaarlijks worden er twee rapporten uitgegeven. Het eerste rapport in januari en het tweede rapport in juni. De rapporten zijn bestemd voor de ouders van de leerlingen. Aan beide rapporten is zijn 10 minutenavonden gekoppeld. In de maand november zullen er ook 10 minuten avonden zijn. In groep 8 worden met de ouders en leerlingen in november gesprekken gevoerd over de advisering voor het vervolgonderwijs.